Baseball
 
 
strike
De Veldspelers
De pitcher of werper is verantwoordelijk voor het werpen van de bal naar de catcher om zodoende de slagman de gelegenheid te bieden om de bal te slaan. De pitcher zal wel proberen om zo te gooien dat de slagman de bal niet kan raken. De pitcher zal een strike te bezorgen door de bal met een effect te gooien. Dit kan door de bal van snelheid te variëren, de ‘zweefroute’ van de bal te laten veranderen (ook wel een ‘curve’ genoemd) of door een lichaamsbeweging zo veel mogelijk te verdoezelen om de verrassingseffect van de worp te verhogen.
De pitcher is in staat een slagman uit te gooien maar ook een honkloper. Een slagman kan uitgegooid worden door 3 strikes te gooien. Een honkloper kan uitgegooid worden door met een aanworp de loper te verrassen waardoor de honkloper uitgetikt kan worden op de honk (1e, 2e 3e honk of thuisplaat).

De pitcher en catcher werken nauw samen met elkaar en maken daarbij gebruik van tekens. Hierbij is de catcher degene die de meeste tekens maakt aangezien hij het beste uitzicht heeft over het hele speelveld en honklopers. Daarbij vraagt hij ook de pitcher een bal op een van tevoren afgesproken wijze te gooien afhankelijk van de slagman.

De binnenvelders / honkspelers (1e, 2e en 3e honkman) verdedigen hun eigen honk en zullen trachten de honkloper uit te maken door deze uit te tikken of door ervoor te zorgen dat de bal de volgende honk waar de honkloper naar toe loopt eerder aankomt dan de loper. De korte stop (short stop op z’n engels) verdedigt het gebied tussen de 2e honk en de 3e honk en werkt dus erg samen met de 2e en 3e honkman.
De buitenvelders verdedigen een groter gebied en staat één in de rechtsveld, één in het midveld en één in het linksveld. De spelers hebben ook als doel de ver geslagen ballen vangen en terug in het binnenveld te brengen.

pitching motion
veldspeler
     
 
€ ú